Waarom time to market steeds vaker verloren gaat tijdens industrialisatie

Voor veel R&D Managers en Innovation Leads is time to market een van de belangrijkste succesfactoren. Nieuwe producten moeten sneller naar de markt, ontwikkelbudgetten staan onder druk en commerciële teams willen eerder duidelijkheid over introductiedata.

Tegelijkertijd worden producten complexer. Ze bevatten meer functionaliteit, worden vaker gecombineerd met elektronica of software en moeten voldoen aan strengere eisen op het gebied van duurzaamheid, veiligheid, regelgeving en kostprijs. Daardoor is het ontwikkelen van een goed product niet alleen een technische uitdaging, maar ook een organisatorische.

Leestijd: 9 minuten

Neem contact met ons op:

  • Thijs Feenstra

    Rogier Hille

  • Time to market wordt niet alleen bepaald door de snelheid van productontwikkeling, maar vooral door hoe soepel de stap naar productie verloopt.
  • Veel vertraging ontstaat doordat maakbaarheid, assemblage, tooling en leveranciers pas laat in het ontwikkelproces worden meegenomen.
  • Voor R&D Managers wordt voorspelbaarheid steeds belangrijker, omdat late wijzigingen direct invloed hebben op planning, budget, capaciteit en roadmap.
  • Door engineering en industrialisatie eerder te verbinden, worden risico’s sneller zichtbaar en kunnen producten betrouwbaarder worden opgeschaald.

Op papier lijkt een project vaak goed beheersbaar. De planning is vastgesteld, het ontwikkelteam is samengesteld en de eerste prototypes leveren positieve resultaten op. Toch ontstaat de grootste vertraging vaak pas later in het traject. Niet omdat het idee verkeerd was of omdat het ontwikkelteam onvoldoende presteerde, maar omdat het product nog niet klaar blijkt voor productie.

  • Het ontwerp werkt, maar is nog niet reproduceerbaar.
  • Het prototype functioneert, maar is nog niet schaalbaar.
  • De specificaties zijn goedgekeurd, maar tooling, assemblage of leveranciers blijken meer tijd nodig te hebben dan verwacht.

Juist in die overgang van engineering naar productie gaat veel time to market verloren.

De druk op R&D teams neemt toe

R&D teams worden steeds vaker gevraagd om sneller, slimmer en efficiënter te ontwikkelen. Innovatiecycli moeten korter worden, terwijl de technische en commerciële eisen aan nieuwe producten juist toenemen. Producten moeten niet alleen goed functioneren, maar ook betrouwbaar, maakbaar, betaalbaar en schaalbaar zijn.

Daarmee ontstaat een lastige spanning. Wanneer de druk op snelheid toeneemt, ligt de nadruk vaak eerst op het werkend krijgen van het product. Vragen over productie, assemblage en industrialisatie schuiven daardoor gemakkelijk naar een later moment in het proces. Dat lijkt logisch: eerst moet het product technisch kloppen, daarna wordt gekeken hoe het geproduceerd kan worden.

In de praktijk zorgt juist die volgorde vaak voor vertraging. McKinsey beschrijft dat complexe productontwikkelingsprojecten regelmatig te maken hebben met planningsuitloop en budgetoverschrijdingen. Een belangrijke oorzaak is dat complexiteit vroeg in het project wordt onderschat en pas later zichtbaar wordt in afhankelijkheden, technische wijzigingen en capaciteitsproblemen.

Voor R&D Managers betekent dit dat voorspelbaarheid minstens zo belangrijk wordt als snelheid. Een project dat snel start, maar laat in het traject meerdere keren terug moet naar engineering, wint uiteindelijk geen tijd.

Waarom industrialisatie vaak te laat begint

Veel organisaties zien productontwikkeling en industrialisatie nog steeds als opeenvolgende fases. Eerst wordt het product ontworpen, daarna wordt het getest en vervolgens wordt gekeken hoe het geproduceerd kan worden. Die aanpak lijkt overzichtelijk, maar sluit steeds minder goed aan op de complexiteit van moderne productontwikkeling.

Een ontwerpbeslissing heeft namelijk direct invloed op productie. De keuze voor een kunststof, de wanddikte van een onderdeel, de toleranties in een behuizing, het aantal onderdelen in een assemblage en de manier waarop elektronica wordt geïntegreerd, bepalen allemaal hoe eenvoudig een product uiteindelijk geproduceerd en opgeschaald kan worden.

Wanneer deze keuzes pas tijdens industrialisatie worden beoordeeld, is er vaak al veel vastgelegd. Het ontwerp is intern goedgekeurd, leveranciers zijn benaderd, tooling is voorbereid en de planning richting marktintroductie is gecommuniceerd. Op dat moment is veranderen nog steeds mogelijk, maar elke wijziging heeft grotere gevolgen voor tijd, kosten en planning.

Een kleine aanpassing aan een onderdeel kan bijvoorbeeld invloed hebben op de matrijs. Een wijziging in materiaal kan gevolgen hebben voor sterkte, krimp, afwerking of certificering. En een aanpassing in de assemblage kan betekenen dat testopstellingen, werkinstructies of leveranciersafspraken opnieuw moeten worden bekeken. Daardoor ontstaat vertraging op een moment waarop er juist weinig ruimte meer is.

De vertraging ontstaat eerder dan het moment waarop ze zichtbaar wordt

Wanneer een project uitloopt tijdens industrialisatie, lijkt het vaak alsof het probleem daar ontstaat. Tooling duurt langer dan gepland, leveranciers lopen tegen beperkingen aan, de eerste productieruns leveren afwijkingen op of de assemblage blijkt complexer dan vooraf gedacht. Op dat moment wordt de vertraging zichtbaar, maar dat betekent niet dat de oorzaak ook daar ligt.

In veel gevallen is de vertraging het gevolg van keuzes die eerder in het ontwikkelproces zijn gemaakt. Een ontwerp kan logisch zijn vanuit functionaliteit of gebruikerservaring, maar tegelijkertijd onvoldoende zijn beoordeeld op maakbaarheid, assemblage of schaalbaarheid. Dat maakt het geen slecht ontwerp, maar wel een ontwerp waarin bepaalde risico’s pas laat naar voren komen.

Die risico’s ontstaan vaak doordat verschillende disciplines vanuit hun eigen verantwoordelijkheid naar het product kijken. Engineering richt zich op performance, supply chain op beschikbaarheid, manufacturing op reproduceerbaarheid, finance op kostprijs en marketing op de introductiedatum. Al die perspectieven zijn belangrijk, maar wanneer ze pas laat in het proces samenkomen, ontstaan er verrassingen.

Voor R&D Managers is dat een herkenbaar probleem. Teams werken hard en projecten lijken lange tijd op schema te liggen, terwijl belangrijke productievragen nog niet volledig zijn beantwoord. De vertraging ontstaat dan niet op het moment dat het project uitloopt, maar op het moment dat maakbaarheid, assemblage en schaalbaarheid te laat onderdeel worden van de ontwerpbeslissingen.

Complexiteit maakt planning minder voorspelbaar

Productontwikkeling is steeds minder lineair. Een wijziging in één onderdeel kan gevolgen hebben voor materiaalkeuze, tooling, assemblage, verpakking, certificering en service. Daardoor is het voor R&D Managers steeds lastiger om projecten volledig voorspelbaar te plannen.

Die complexiteit heeft direct invloed op de inzet van mensen en middelen. Engineers die eigenlijk aan de volgende ontwikkelfase zouden moeten werken, worden opnieuw betrokken bij wijzigingen in het bestaande ontwerp. Projectleiders moeten planningen bijstellen, leveranciers wachten op definitieve specificaties en commerciële teams krijgen minder zekerheid over de introductiedatum.

Zo ontstaat een kettingreactie die verder reikt dan één project. Late wijzigingen kosten niet alleen tijd binnen het betreffende ontwikkeltraject, maar leggen ook druk op de rest van de roadmap. Wanneer R&D capaciteit wordt gebruikt voor correcties, blijft er minder ruimte over voor nieuwe ontwikkeling, optimalisatie of strategische innovatie.

Daarom is time to market niet alleen een planningsvraagstuk. Het raakt ook aan resource allocation, risicobeheersing en portfolio management. Wie projecten voorspelbaarder wil maken, moet niet alleen kijken naar de planning zelf, maar vooral naar de ontwerpkeuzes en afhankelijkheden die later in het traject voor vertraging kunnen zorgen.

Ontwerpkeuzes bepalen veel eerder de kosten dan vaak wordt gedacht

Een groot deel van de uiteindelijke productkosten wordt al vroeg in het ontwerpproces bepaald. Zodra keuzes zijn gemaakt over productarchitectuur, materiaalgebruik, onderdeelopbouw en assemblagemethode, wordt het steeds moeilijker om kosten later nog structureel te verlagen zonder terug te gaan naar het ontwerp.

Dat maakt kostenbeheersing in productontwikkeling complexer dan alleen het bewaken van ontwikkeluren of prototypekosten. De echte impact zit vaak in de keuzes die bepalen hoe een product straks geproduceerd, geassembleerd, getest en onderhouden wordt. Een ontwerp dat technisch goed functioneert, kan alsnog leiden tot hoge productiekosten wanneer maakbaarheid, assemblage of materiaalgedrag onvoldoende vroeg zijn meegenomen.

McKinsey stelt dat de meerderheid van de kosten wordt vastgelegd op het moment dat het productontwerp wordt bepaald. Ook op het gebied van duurzaamheid wordt een groot deel van de impact al in de ontwerpfase bepaald. Dat betekent dat R&D beslissingen niet alleen invloed hebben op het ontwikkelbudget, maar ook op marge, schaalbaarheid en de totale levenscyclus van een product.

Voor R&D Managers ligt daar een belangrijke kans. Door kostprijs, maakbaarheid en duurzaamheid eerder onderdeel te maken van ontwerpbeslissingen, ontstaat er meer ruimte om producten structureel te verbeteren. Niet door later in het proces te corrigeren, maar door vanaf het begin keuzes te maken die technisch én economisch beter kloppen.

Manufacturing readiness begint tijdens engineering

Manufacturing readiness gaat over de vraag of een product klaar is om betrouwbaar, schaalbaar en kostenefficiënt geproduceerd te worden. Dat vraagt om meer dan een werkend prototype, omdat een prototype vooral bewijst dat een concept technisch kan functioneren. Serieproductie vraagt om iets anders: herhaalbaarheid, voorspelbaarheid en controle over kwaliteit, kosten en proces.

Daarom moeten onderdelen consistent geproduceerd kunnen worden, moet assemblage beheersbaar zijn en moeten leveranciers de gewenste kwaliteit kunnen leveren. Ook toleranties, materiaalgedrag en productieprocessen moeten vroeg genoeg worden beoordeeld. Wanneer die vragen pas na het prototype worden gesteld, ontstaat het risico dat een technisch goed product alsnog moeilijk produceerbaar blijkt.

Design for Manufacturing en Design for Assembly worden daardoor steeds belangrijker in productontwikkeling. Niet als controle achteraf, maar als onderdeel van de engineeringfase. Door maakbaarheid en assemblage vroeg mee te nemen, worden risico’s eerder zichtbaar en kunnen ontwerpkeuzes worden aangepast voordat tooling, leveranciersafspraken of validatietrajecten al grotendeels vastliggen.

Dat maakt het ontwikkelproces niet alleen efficiënter, maar vooral voorspelbaarder. Een product dat vanaf het begin is ontworpen met productie in gedachten, heeft minder correctierondes nodig en beweegt soepeler richting serieproductie.

Time to market wordt gewonnen vóór de productiefase

Veel organisaties proberen time to market te versnellen door vooral de ontwikkelfase korter te maken. Dat kan waardevol zijn, maar het lost niet altijd het onderliggende probleem op. Wanneer een product sneller wordt ontworpen, maar daarna vastloopt in industrialisatie, verschuift de vertraging alleen naar een later moment.

Echte versnelling ontstaat wanneer engineering en industrialisatie dichter bij elkaar worden gebracht. Dat betekent dat productie, assemblage, tooling, materialen en leveranciers niet pas aan het einde van het ontwikkelproces worden betrokken, maar al tijdens de ontwikkeling invloed hebben op ontwerpbeslissingen.

Dat remt innovatie niet af. Het zorgt er juist voor dat innovatie beter realiseerbaar wordt. Door eerder te kijken naar maakbaarheid, assemblage en opschaalbaarheid, worden risico’s zichtbaar op een moment waarop er nog ruimte is om het ontwerp gericht aan te passen.

Voor R&D Managers en Innovation Leads betekent dit dat time to market niet alleen afhankelijk is van de snelheid van het ontwikkelteam. Het hangt vooral af van de kwaliteit van de keuzes die vroeg in het traject worden gemaakt. Een ontwerp dat vanaf het begin rekening houdt met productie, heeft minder correctierondes nodig. Een productarchitectuur die assemblage vereenvoudigt, verlaagt de kans op vertraging. En een materiaalkeuze die past bij het proces, voorkomt problemen bij opschaling.

Van productontwikkeling naar voorspelbare introductie

De uitdaging voor R&D Managers verschuift daarmee van alleen productontwikkeling naar voorspelbare productintroductie. Een succesvol ontwikkeltraject eindigt niet bij een goedgekeurd ontwerp of een werkend prototype, maar bij een product dat betrouwbaar geproduceerd, geassembleerd en opgeschaald kan worden binnen de gewenste tijd, kwaliteit en kostprijs.

Dat vraagt om een bredere blik op innovatie. Niet alleen de vraag of een product technisch werkt, maar ook of het product maakbaar, schaalbaar en economisch haalbaar is. Juist die combinatie bepaalt uiteindelijk of een innovatie ook daadwerkelijk waarde oplevert in de markt.

Bij PEZY zien we engineering en industrialisatie daarom niet als twee losse fases. Wij zien ze als onderdelen van hetzelfde ontwikkelproces. Tijdens productontwikkeling kijken we niet alleen naar functionaliteit en gebruikerservaring, maar ook naar maakbaarheid, assemblage, materiaalgedrag, tooling, kostprijs en schaalbaarheid.

Juist doordat die perspectieven vroeg samenkomen, kunnen risico’s eerder worden herkend en worden latere wijzigingen beperkt. Want time to market wordt uiteindelijk niet alleen bepaald door hoe snel een product ontworpen wordt. Het wordt vooral bepaald door hoe soepel de stap naar productie verloopt.

Ontdek wat wij hebben ontwikkeld voor onze klanten

Deze website is beschermd door reCAPTCHA en de Google Privacy Policy en Terms of Service zijn van toepassing.

Lees ook: